Gerrit Rietveld is de schepper van een omvangrijk en veelzijdig oeuvre, dat zich manifesteert op het terrein van architectuur, meubel- en interieurontwerpen. Rietvelds werkzame leven is verbonden aan een aantal adressen en bekend onder verschillende (bedrijfs)benamingen.
De Rietveld Stichting heeft een onderzoek laten doen naar ‘de status van de opeenvolgende “architectenbureaus” van Gerrit Rietveld’ en naar de betekenis daarvan voor het (intellectuele) eigenaarschap en auteursrecht van zijn oeuvre. De Rietveld Stichting heeft gemeend dit te moeten doen om duidelijkheid te scheppen over de (naar haar mening ongefundeerde) aannames over de rol van levensgezellin Truus Schröder als mede-eigenaar van zijn oeuvre die, zolang ze onweersproken blijven, een eigen leven zouden kunnen gaan leiden. De Rietveld Stichting wil met dit onderzoek deze kwestie in het juiste perspectief plaatsen.
Onderzoek
De Rietveld Stichting heeft een onderzoek laten doen naar ‘de status van de opeenvolgende “architectenbureaus” van Gerrit Rietveld’ en naar de betekenis daarvan voor het (intellectuele) eigenaarschap en auteursrecht van zijn oeuvre. De Rietveld Stichting heeft gemeend dit te moeten doen om duidelijkheid te scheppen over de (naar haar mening ongefundeerde) aannames over de rol van levensgezellin Truus Schröder als mede-eigenaar van zijn oeuvre die, zolang ze onweersproken blijven, een eigen leven zouden kunnen gaan leiden. De Rietveld Stichting wil met dit onderzoek deze kwestie in het juiste perspectief plaatsen.
Voor het onderzoek is gezocht naar Rietvelds (mogelijke) inschrijving in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel.
Er is gekeken naar vermeldingen van Schröder en van Rietveld als architect in de adresboeken van de stad Utrecht en in kranten.
Onderdeel van het onderzoek is het boek van Dubois en Van Geel uit 2024 (Een biografie van het huis. Rietveld Schröderhuis. Antwerpen: Hannibal Books) waarin de betrokkenheid van Truus Schröder bij het oeuvre van Rietveld centraal staat.
Verder is gebruikgemaakt van de collecties van Het Utrechts Archief, het Nieuwe Instituut, het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis, het Centraal Museum, het Noord-Hollands Archief en het Nationaal Archief, en van het verslag van Martine Eskes: Samenwerking Rietveld en Schröder en aanduiding medeontwerpster Schröder uit 2025.[i]
Hieronder volgt een beknopte samenvatting van de bevindingen van het onderzoek.[ii]
- Kamer van Koophandel
Rietveld stond niet ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel. Hij was daartoe niet verplicht noch in de periode toen hij alleen werkte, noch in de periode toen hij werkte vanuit het huis van Truus Schröder aan de Prins Hendriklaan, noch tijdens zijn vestiging op de Oude Gracht in Utrecht en zijn latere maatschap met van Dillen en Van Tricht. Het eigenaarschap van zijn werk komt neer op ‘persoonlijke titel’, en hierbij zijn doorslaggevend zijn handschrift/signatuur, naam en handtekening op de ontwerpen en/of bouwtekeningen.
- Adresboeken
In 1923/1924 staat Rietveld voor het eerst vermeld op zijn huisadres (Adriaan van Ostadelaan 93) als ‘architect interieur’ (binnenhuisarchitect) en in 1925 als ‘architect’ (J.S. Bachstraat 11). Daarvóór stond hij alleen vermeld als ‘meubelmaker’.
In de periode 1926 t/m 1933 staat Rietveld daarnaast ook vermeld als ‘architect’ op het huisadres van Truus Schröder, Prins Hendriklaan 50; Truus Schröder zelf staat op dat adres vermeld als ‘architecte-d’ intérieur’.
Uit de context van alle opeenvolgende vermeldingen is duidelijk dat de vermelding ‘Schröder & Rietveld, arch.-atelier, Prins Hendriklaan 50. T. 12051’ betekent ‘Schröder’ de binnenhuisarchitecte en ‘Rietveld’, de architect.
Begin 1934 verplaatste Rietveld zijn bedrijf naar de Oude Gracht 55; Schröder bleef als ‘architecte d’interieur’ achter op de Erasmuslaan.
- Kranten
Er staan honderden vermeldingen van Rietveld als architect in de pers: over zijn ontwerpen, De Stijl, onderscheidingen, functies, overlijden en nalatenschap.[iii] De naam van Truus Schröder wordt een enkele keer genoemd als medewerkster en in verband met het huis aan de Prins Hendriklaan 50, de huizen en flats aan de Erasmuslaan. In 1930 wordt Rietveld als architect genoemd op het adres Prins Hendriklaan 50; vanaf 1934 wordt Rietveld vermeld met het adres Oudegracht 55.
- Natalie Dubois en Jessica van Geel (2024). Het Rietveld Schröderhuis. Een biografie van het huis. Antwerpen: Hannibal Books.
Volgens Dubois en Van Geel zijn ‘we de afgelopen jaren blij verrast met prachtige vondsten uit archieven die nooit eerder waren geraadpleegd’ en ‘levert dit veel nieuwe inzichten op over de totstandkoming van het [Rietveld Schröder] huis (…)’. Vervolgens stellen zij dat er interessante ontdekkingen zijn gedaan waardoor de samenwerking tussen Schröder en Rietveld herzien zou moeten worden. En passant trekken Dubois en Van Geel de invloed van Schröder door naar het hele oeuvre van Rietveld.
In hun boek maken Dubois en Van Geel niet concreet wat dan die invloed van Truus Schröder op de overige ontwerpen van Rietveld zou zijn en om welke ontwerpen het gaat. Door het consequent steeds over ‘hun’ architectenbureau te hebben, veel te herhalen, bewoordingen te gebruiken als ‘dat we Schröder erbij mogen denken’ ‘we kunnen er van uitgaan dat’, ‘We kunnen dus – met enige slag om de arm – aannemen dat Truus Schröder bij dit ontwerp betrokken is’, ‘waarschijnlijk met de medewerking van Schröder’, ‘Wellicht ontwerpen ze het meubel samen’ wordt de lezer langzaam een bepaalde richting ingeduwd. De onoverzichtelijkheid van het boek werpt een rookgordijn op. Bronvermeldingen ontbreken of kloppen niet (zoals bijvoorbeeld dat hun beider handtekeningen op ontwerpen staan), en soms wordt onjuist geciteerd (zoals bijvoorbeeld Rietveld & Schröder architecten i.p.v. Schröder & Rietveld, architect).
Als in het boek dan de vraag wordt gesteld naar die precieze invloed, dan is het antwoord dat daar uitgebreider onderzoek naar gedaan zou moeten worden.
Het staat vast dat Truus Schröder de opdrachtgeefster was van het ontwerp en de bouw van het huis aan de Prins Hendriklaan 50 in Utrecht, het latere Rietveld-Schröder huis. Truus had uitgesproken wensen en ideeën en die werden verwezenlijkt door architect Gerrit Rietveld. Schröder onderkende als een van de eersten het talent van Rietveld en creëerde kansen om zijn talent verder te ontwikkelen. Ook financieel heeft zij hem en zijn gezin ondersteund om de stap te kunnen maken zich als architect te vestigen. Hiervoor heeft zij in de buitenwereld altijd de erkenning gekregen die haar toekwam en ook Gerrit Rietveld heeft zich herhaaldelijk in die richting uitgelaten. Truus Schröder is nooit uit de geschiedenis verdwenen of weggeschreven zoals Dubois en Van Geel beweren. Zij noemen ook dat Schröder niet kon tekenen, weinig van materialen en bouwconstructies wist. Na Rietvelds overlijden heeft ze nooit meer iets ontworpen. Wel belangrijk, historisch gezien, is Schröders rol is als behoedster van Rietvelds nalatenschap en daarmee het behoud van het cultureel erfgoed. Rietveld was niet zo’n bewaarder, naar verluidt vond hij dat na vijftig jaar een huis wel weer afgebroken kon worden, en zonder Schröder was het Rietveld Schröderhuis er misschien niet eens meer geweest. Ontegenzeggelijk speelde Truus Schröder een belangrijke rol in Rietvelds persoonlijke leven en vond hij in haar een gelijkgestemde geest; een bijzondere vrouw en haar tijd vooruit enzovoort. Maar… hoe bijzonder en belangrijk ook, dit maakt haar niet tot architect/medeontwerper van Rietvelds oeuvre of erfgenaam van zijn intellectuele nalatenschap.
- Archieven en collecties
Bestudering van de bronnen toont aan dat het kleine oeuvre van Schröder voornamelijk op het terrein van de binnenhuisarchitectuur ligt, meestal samen met Rietveld, maar soms ook alleen. Daarnaast zijn er een paar meubelontwerpen aan haar alleen toe te schrijven. Met een aantal (architectuur)ontwerpen zal zij zich zeker bemoeid hebben, maar dat is formeel geen reden om haar als medeontwerpster of architecte aan te merken. Het archiefonderzoek heeft uitgewezen dat op de verschillende bouwtekeningen en -aanvragen en op de meubelontwerpen over het algemeen alleen het handschrift, de paraaf, naam en/of handtekening van Rietveld staat.
- Conclusie
Het onderzoek naar ‘de status van de opeenvolgende “architectenbureaus” van Gerrit Rietveld’ en naar de betekenis daarvan voor het (intellectuele) eigenaarschap en auteursrecht van zijn oeuvre’ maakt duidelijk dat het werk van Rietveld neerkomt op zijn persoonlijke titel, en dat er geen sprake is van een gedeeld intellectueel eigendom of auteursrecht met Truus Schröder.
Ook verder bronnenonderzoek in de archieven naar ontwerptekeningen en bouwopdrachten toont aan dat slechts enkele meubelontwerpen aan haar zijn toe te schrijven.
De zogenoemde ‘nieuwe ontdekkingen’ van Van Geel & Dubois zijn veronderstellingen die niet steunen op het bronnenmateriaal. Zoals bijvoorbeeld het ontwerp van de huizen aan de Schumannstraat of de foutieve bewering over de beider handtekeningen van Rietveld en Schröder die op ontwerpen zouden staan. Het is niet juist om de vermelding Schröder & Rietveld, architect op te vatten als beider handtekeningen.
Truus Schröder is belangrijk geweest als behoedster van Rietvelds nalatenschap. Dat maakt haar niet tot erfgenaam van zijn intellectuele nalatenschap.
Hiermee is deze kwestie in het juiste perspectief geplaatst.
[i] Martine Eskes Samenwerking Rietveld en Schröder en aanduiding medeontwerpster Schröder (23-04-2025, concept).
[ii] Erika Prins (Het Historisch Bedrijf),Onderzoeksverslag voor de Rietveld Stichting naar de bedrijfsgegevens van architect Gerrit Rietveld (2025-06-28).
[iii] www.Delpher.nl









